Uitspraak
Alimentatie
Beschikking op het op 19 september 2024 ingekomen verzoek van:
[de man] ,
[de vrouw] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift.
- de man met zijn advocaat;
- de vrouw met haar advocaat.
Feiten
- Partijen zijn gehuwd geweest van [dag 1] 2013 tot [dag 2] 2022.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 21 maart 2021 is – voor zover hier aan de orde – in het kader van de voorlopige voorzieningen onder meer bepaald dat de man aan de vrouw met ingang van 21 maart 2021 voorlopig een partneralimentatie van € 1.763,- per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 1 juni 2022 is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en is het verzoek van de vrouw tot vaststelling van een door de man te betalen partneralimentatie afgewezen.
- Bij beschikking van het gerechtshof Den Haag (het hof) van 6 maart 2024 is de beslissing van de rechtbank ten aanzien van de partneralimentatie vernietigd en is bepaald dat de man met ingang van 6 maart 2024 aan de vrouw als bijdrage in de kosten van haar levensonderhoud een bedrag van € 1.719,- per maand verschuldigd is, de toekomstige termijnen bij vooruitbetaling te voldoen.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 10 oktober 2024 is het verzoek van de man afgewezen om de voorlopige partneralimentatie van € 1.763,-, die is vastgesteld in de beschikking van deze rechtbank van 21 maart 2021, op nihil te stellen.