ECLI:NL:RBDHA:2025:14554
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid eiseres in vordering tot afgifte verbeurdverklaard vliegtuig
Eiseres vordert in kort geding dat de Staat wordt veroordeeld het verbeurdverklaarde vliegtuig aan haar af te geven. Het vliegtuig was in beslag genomen en verbeurd verklaard in een strafzaak tegen haar ex-echtgenoot, die veroordeeld is voor medeplegen handel in cocaïne.
Eiseres stelt dat zij op grond van een echtscheidingsconvenant en registratie in het Servisch luchtvaartregister de rechtmatige eigenaar is van het vliegtuig en dat het beslag en de verbeurdverklaring haar eigendomsrecht niet kunnen aantasten. De Staat voert verweer en stelt dat eiseres niet-ontvankelijk is omdat zij een beklagprocedure op grond van artikel 552b Sv kan volgen, die een met voldoende waarborgen omklede rechtsgang biedt.
De voorzieningenrechter volgt de Staat en oordeelt dat de beklagprocedure een adequate rechtsgang is waarin eiseres haar eigendomsrechten kan doen gelden, ook met toepassing van buitenlands recht. Het ontbreken van hoger beroep in die procedure is geen reden om de kortgedingvordering toe te laten. Eiseres heeft onvoldoende spoedeisend belang aangetoond, mede omdat zij tweemaal om aanhouding van de beklagprocedure heeft verzocht.
Daarom wordt eiseres niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering en veroordeeld in de proceskosten van de Staat.
Uitkomst: Eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot afgifte van het verbeurdverklaarde vliegtuig.