ECLI:NL:RBDHA:2025:14714
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag Libanese vreemdeling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 19 oktober 2024. De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig is en het onderzoek gesloten zonder zitting te houden.
De beslistermijn van zes maanden eindigde op 19 april 2025. Eiser stelde de minister op 9 mei 2025 in gebreke en diende het beroep in op 25 mei 2025. Echter, op 14 november 2024 had de minister een besluit- en vertrekmoratorium (BVM) ingesteld voor vreemdelingen uit Libanon, waardoor de beslistermijn met maximaal 21 maanden werd verlengd.
Omdat het BVM op het moment van de ingebrekestelling al van kracht was, kon de minister niet beslissen en was de ingebrekestelling prematuur. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de vereisten voor ontvankelijkheid. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en veroordeelt de minister niet tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege prematuriteit door het geldende besluit- en vertrekmoratorium.