Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De gronden van de beslissing
.De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
Rechtbank Den Haag
Eiser is sinds 22 februari 2025 in voorlopige hechtenis en vroeg incidenteel verlof om de uitvaart van zijn overleden oma op 15 juli 2025 bij te wonen. Na eerdere schorsing van zijn hechtenis om afscheid te nemen, werd zijn verzoek tot verlof door de directeur van de penitentiaire inrichting afgewezen vanwege veiligheidszorgen en de noodzaak van begeleiding.
De rechtbank overweegt dat eiser een zwaarwegend persoonlijk belang heeft bij het bijwonen van de uitvaart, mede om zijn moeder te steunen, die geen begeleiding wenst. De Staat heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het verlof niet zonder bewaking kan plaatsvinden en heeft de noodzaak van begeleiding niet inzichtelijk gemaakt.
Gezien het goede verloop van een eerdere onbegeleide schorsing en het ontbreken van incidenten, acht de voorzieningenrechter het onredelijk dat het verlof wordt geweigerd. De Staat wordt veroordeeld om het verlof te verlenen onder voorwaarden en de proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld om eiser verlof te verlenen om de uitvaart van zijn oma bij te wonen op 15 juli 2025.