Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. T.M.M. Plukaard, griffier.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een beroep van een vreemdeling tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. De rechtbank heeft het beroep behandeld na kennisgeving van het voortduren van de bewaring door de minister, waarbij tevens een verzoek om schadevergoeding werd ingediend.
De rechtbank overwoog dat de maatregel tot het moment van het sluiten van het onderzoek rechtmatig was en dat de beoordeling zich richt op de periode daarna. Op grond van jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie en nationale rechtspraak toetst de rechtbank binnen drie maanden na sluiting van het laatste onderzoek de voortzetting van de maatregel.
De rechtbank constateerde dat aan deze toetsingsperiode was voldaan en dat er nog steeds zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn. De minister handelt voortvarend, onder meer door het voeren van vertrekgesprekken en het onderhouden van contact met de Algerijnse autoriteiten. Daarom is het voortduren van de bewaring niet onrechtmatig.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.