ECLI:NL:RBDHA:2025:14774
Rechtbank Den Haag
- Rekestprocedure
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag van een alleenstaande minderjarige vreemdeling uit Afghanistan met betrekking tot geloofwaardigheidsbeoordeling en terugkeerbesluit
Deze uitspraak betreft de afwijzing van de asielaanvraag van eiser, een alleenstaande minderjarige vreemdeling uit Afghanistan. Eiser heeft op 24 april 2024 zijn asielaanvraag ingediend, maar deze is op 21 maart 2025 door de minister van Asiel en Migratie afgewezen als ongegrond. Eiser is het niet eens met deze afwijzing en heeft beroep ingesteld. De rechtbank heeft de zaak op 16 juli 2025 behandeld in Breda, waar eiser en zijn gemachtigde aanwezig waren, evenals een tolk en een begeleider.
De rechtbank heeft de afwijzing van de asielaanvraag beoordeeld aan de hand van de beroepsgronden van eiser. Eiser stelt dat hij in Afghanistan bedreigd is door de Taliban en dat hij vreest voor vervolging bij terugkeer. De rechtbank concludeert dat de minister de gestelde problemen met de Taliban ongeloofwaardig achtte en dat de verklaringen van eiser niet samenhangend en aannemelijk zijn. De rechtbank oordeelt dat de minister voldoende rekening heeft gehouden met de jonge leeftijd van eiser en dat de procedure zorgvuldig is verlopen.
De rechtbank heeft ook het opgelegde terugkeerbesluit beoordeeld. Eiser heeft aangevoerd dat de minister onvoldoende rekening heeft gehouden met de huidige situatie in Afghanistan en dat zijn ouders zelf ook ontheemd zijn. De rechtbank oordeelt echter dat de minister terecht heeft geconcludeerd dat er adequate opvang voor eiser is bij zijn ouders in Afghanistan. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag en het terugkeerbesluit.