Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. C.J. Ohrtmann).
Procesverloop
Overwegingen
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, is op 13 januari 2025 onderworpen aan een maatregel van bewaring door de minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel is genomen vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht aan Duitsland volgens de Dublinverordening en het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding gedaan. Hij stelde dat de minister onvoldoende voortvarend zou handelen bij de overdracht aan Duitsland, aangezien Duitsland de claim op 13 januari 2025 had geaccepteerd en enkel een taxirit nodig zou zijn. De rechtbank oordeelt echter dat de minister voldoende voortvarend heeft gehandeld, met een vertrekgesprek op 15 januari en een overdrachtsbesluit op 16 januari 2025, waarbij rekening is gehouden met de vereiste aankondigingstermijn van drie dagen door de Duitse autoriteiten.
De rechtbank stelt vast dat de gronden voor de maatregel van bewaring feitelijk juist en voldoende gemotiveerd zijn en dat de maatregel tot het moment van het sluiten van het onderzoek niet onrechtmatig was. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.