ECLI:NL:RBDHA:2025:15160
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing visum kort verblijf wegens onzorgvuldige procedure en onvoldoende hoorrecht
Eiser, een Egyptische landbouwer woonachtig in Egypte, verzocht om een visum voor kort verblijf om zijn tante in Nederland te bezoeken. De minister van Buitenlandse Zaken wees dit verzoek af, zowel in het primaire besluit als in het bezwaar. Eiser maakte bezwaar tegen het besluit, stellende dat het besluit onzorgvuldig tot stand was gekomen en dat hij niet gehoord was.
De rechtbank constateert dat verweerder het bezwaar heeft behandeld zonder eiser te horen, terwijl juist bij visumaanvragen het horen essentieel is vanwege de beoordelingsvrijheid en het belang van het vaststellen van de intenties van de aanvrager. Verweerder stelde weliswaar schriftelijke vragen, maar heeft geen hoorzitting gehouden, waardoor eiser geen kans kreeg om zijn sociale en economische bindingen met Egypte te verduidelijken.
De rechtbank oordeelt dat deze handelswijze onzorgvuldig is en dat verweerder het hoor- en zorgvuldigheidsbeginsel heeft geschonden. Tevens is de beoordeling van de sociale binding onvoldoende gemotiveerd. Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij het volle gewicht aan de sociale binding moet worden toegekend. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met opdracht tot hernieuwde besluitvorming binnen zes weken.