ECLI:NL:RBDHA:2025:15746
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening Spanje afgewezen
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in, die de minister niet in behandeling nam omdat Spanje verantwoordelijk is voor de aanvraag op grond van de Dublinverordening. Eiser voerde aan dat hij in Spanje geen adequate opvang, werk of medische zorg kon krijgen en dat hij daar werd gediscrimineerd, met verwijzing naar jurisprudentie en rapporten over de situatie in Spanje.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Spanje, zoals bevestigd in recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat er sprake is van structurele tekortkomingen in het Spaanse asiel- en opvangsysteem die een reëel risico op een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro opleveren.
Ook de lopende inbreukprocedure tegen Spanje en de omstandigheden van discriminatie waren onvoldoende om het vertrouwensbeginsel te doorbreken. De minister hoefde de aanvraag niet op grond van artikel 17 Dublinverordening Pro aan zich te trekken, omdat geen bijzondere, individuele omstandigheden van onevenredige hardheid waren gesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter J.J. Catsburg op 22 augustus 2025 te Utrecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.