ECLI:NL:RBDHA:2025:15882
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening tegen ambtshalve uitschrijving uit Basisregistratie Personen niet-ontvankelijk verklaard
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Delft om hem ambtshalve uit te schrijven uit de Basisregistratie Personen (Brp).
De voorzieningenrechter stelt vast dat het griffierecht van €194,- niet tijdig is betaald, ondanks een aangetekende brief en e-mail aan de gemachtigde. Verzoeker heeft geen verontschuldiging gegeven voor het verzuim. Daarnaast heeft verzoeker onvoldoende concreet en met bewijs onderbouwd waarom er sprake is van een spoedeisend belang dat een voorlopige voorziening rechtvaardigt.
Op grond van artikel 8:83 lid 3 Awb Pro is het verzoek daarom kennelijk niet-ontvankelijk, zodat de voorzieningenrechter het verzoek niet inhoudelijk beoordeelt. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter D. Biever op 25 augustus 2025 in aanwezigheid van griffier E. van den Nieuwendijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ambtshalve uitschrijving uit de Basisregistratie Personen is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van griffierecht en ontbreken van spoedeisend belang.