ECLI:NL:RBDHA:2025:16000
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel bewaring en zicht op uitzetting naar Algerije
De eiser, van Algerijnse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 22 april 2025 door de minister van Asiel en Migratie is opgelegd op grond van artikel 59 lid 1 sub a van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank toetst hierbij alleen de periode na haar eerdere uitspraak van 9 mei 2025, waarin de maatregel tot dat moment rechtmatig werd bevonden.
Eiser stelt dat het voortduren van de bewaring onrechtmatig is vanwege het ontbreken van zicht op uitzetting en onvoldoende voortvarendheid van verweerder. Verweerder heeft echter meerdere rappelleringen bij de Algerijnse autoriteiten verricht en vertrekgesprekken gevoerd. De rechtbank stelt vast dat eiser niet meewerkt aan zijn terugkeer en niet beschikt over originele documenten ter identificatie.
De rechtbank oordeelt dat er nog steeds zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn en dat verweerder voldoende voortvarend handelt, ondanks het ontbreken van speciale aandacht voor de casus bij de Algerijnse autoriteiten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.