ECLI:NL:RBDHA:2025:1609
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na eerdere uitspraak
Verzoeker heeft tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie beroep ingesteld nadat zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk werd verklaard. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan.
De voorzieningenrechter overwoog dat bij een eerdere uitspraak van 7 januari 2025 in een verwante zaak al op het beroep was beslist. Hierdoor was het verzoek om een voorlopige voorziening overbodig geworden. Op grond hiervan werd het verzoek afgewezen.
Daarnaast werd geoordeeld dat er geen aanleiding was voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 5 februari 2025 en staat niet open voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat reeds op het beroep is beslist.