ECLI:NL:RBDHA:2025:16132
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardige homoseksuele geaardheid
Eiser, een Ugandees, heeft sinds 2010 meerdere opvolgende asielaanvragen ingediend waarbij hij zijn homoseksuele geaardheid als grond voor bescherming aanvoert. De laatste aanvraag, ingediend in januari 2024, werd afgewezen door verweerder als kennelijk ongegrond vanwege ongeloofwaardigheid van de gestelde homoseksuele geaardheid en relatie.
De rechtbank heeft het beroep van eiser op 1 augustus 2025 behandeld, waarbij verweerder niet aanwezig was. Eiser voerde aan dat zijn culturele achtergrond en referentiekader onvoldoende in acht zijn genomen bij de beoordeling van zijn verklaringen en die van derden. Verweerder stelde echter dat van eiser meer mag worden verwacht gezien zijn langdurig verblijf in Nederland en het feit dat hij al meerdere keren dezelfde grond heeft aangevoerd.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende rekening heeft gehouden met het referentiekader van eiser en dat diens verklaringen oppervlakkig en onvoldoende samenhangend zijn. Ook de verklaringen van derden werden als niet overtuigend beoordeeld. Het rapport van LGBT Asylum Support werd niet als deskundigenrapport erkend en bood geen aanleiding tot herziening van het oordeel.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft het bestreden besluit in stand. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en openbaar gemaakt op 28 augustus 2025.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardige homoseksuele geaardheid.