ECLI:NL:RBDHA:2025:16204
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening intrekking verblijfsrecht EU-onderdaan
Deze uitspraak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie tot intrekking van het verblijfsrecht van een EU-onderdaan. Verzoeker betwist de intrekking en verzoekt om een voorlopige voorziening om het verblijf te continueren.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met de hoofdzaak behandeld op 13 mei 2025. Inmiddels heeft de rechtbank bij uitspraak van 27 augustus 2025 in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.339126) een beslissing genomen, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. E.E.M. van Abbe en bekendgemaakt op 27 augustus 2025. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van het verblijfsrecht wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.