Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], V-nummer: [V-nummer], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen het voortduren van een maatregel van vreemdelingenbewaring, die inmiddels was opgeheven vanwege een Dublinoverdracht. De beoordeling richtte zich op de vraag of de bewaring onrechtmatig was geweest voorafgaand aan de opheffing en of schadevergoeding toekwam.
De rechtbank stelde vast dat de bewaring tot 13 augustus 2025 rechtmatig was en dat alleen de periode daarna relevant was voor de beoordeling. De eiser voerde aan dat geen lichter middel was toegepast en dat zijn mentale en lichamelijke gesteldheid verslechterd was, maar deze stellingen waren onvoldoende onderbouwd. Ook het verwijt dat de overdracht te traag verliep werd verworpen, omdat de overheid voortvarend had gehandeld.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel niet onrechtmatig was en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van vreemdelingenbewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.