Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. W. Vrooman).
Procesverloop
Overwegingen
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De minister van Asiel en Migratie legde aan eiser, een Roemeense vreemdeling zonder rechtmatig verblijf, op 15 augustus 2025 de maatregel van bewaring op wegens risico op onttrekking aan toezicht en belemmering van uitzetting. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep op 25 augustus 2025. Eiser voerde aan dat de minister een lichter middel had moeten toepassen, zoals een meldplicht of borgtocht, omdat hij in Nederland wilde wonen en werken. De rechtbank stelde vast dat eiser de gronden voor bewaring, behalve een niet-relevante, niet had betwist.
De rechtbank oordeelde dat de minister voldoende had gemotiveerd dat een lichter middel onvoldoende garantie biedt tegen het risico dat eiser zich aan toezicht onttrekt. Eiser had niet meegewerkt aan de uitzetting en was meerdere keren gedwongen uitgezet zonder zijn verblijf daadwerkelijk te beëindigen. De maatregel van bewaring was daarom niet onrechtmatig.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.