ECLI:NL:RBDHA:2025:16973
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. De maatregel was reeds eerder getoetst en rechtmatig bevonden tot 5 augustus 2025. Het geschil betrof het zicht op uitzetting van eiser naar Marokko, waarbij eiser betoogde dat hij geen officiële identiteit kon aantonen en verweerder onvoldoende voortvarend zou handelen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende inspanningen heeft geleverd, waaronder rappelleren bij de Marokkaanse autoriteiten, vertrekgesprekken en presentatie bij het consulaat. Ondanks het ontbreken van een laissez-passer was er voldoende zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn. Eiser werkte onvoldoende mee en gaf meerdere aliassen op.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.