ECLI:NL:RBDHA:2025:17074
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. F. Bethlehem
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen maatregel van vreemdelingenbewaring
De zaak betreft een beroep van een Algerijnse asielzoeker tegen een maatregel van vreemdelingenbewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op 4 september 2025. De maatregel is gebaseerd op het risico dat eiser zich aan het toezicht zal onttrekken, met meerdere zware en lichte gronden. Eiser betwist deze gronden en voert aan dat hij vanwege vrees voor zijn leven geen identificerende documenten bezit en zich niet in Nederland heeft gemeld.
De rechtbank overweegt dat de minister voldoende heeft gemotiveerd dat eiser zonder geldige reisdocumenten Nederland is binnengekomen en zich eerder aan toezicht heeft onttrokken. De lichte gronden zijn eveneens feitelijk juist. De medische situatie van eiser is betrokken bij de belangenafweging, waarbij is vastgesteld dat medische zorg beschikbaar is in detentie en geen concrete aanwijzingen bestaan dat eiser detentieongeschikt is.
De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig is en dat het beroep ongegrond is. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het vonnis is gewezen door rechter E. F. Bethlehem en griffier Ż.A. Meinert, en kan binnen één week worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.