Uitspraak
Gezag, omgang, informatieregeling, kinderalimentatie
Beschikking op het op 24 mei 2023 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
[de vader] ,
Procedure
Beoordeling
Beslissing
,geboren op [geboortedatum] 2015 te [geboorteplaats] ;
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van de moeder om het gezamenlijk gezag over de minderjarige te beëindigen en haar het eenhoofdig gezag toe te kennen. De onderlinge verstandhouding tussen ouders is zodanig verslechterd dat er geen contact meer is. De vader legt zich neer bij het verzoek en stemt in met het eenhoofdig gezag van de moeder.
De vader had verzocht om een omgangsregeling waarbij het kind eens per twee weken bij de zus van de vader zou verblijven. Uit het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming blijkt dat de vader kampt met ernstige psychische problemen, een verleden van verslaving en meerdere suïcidepogingen. De minderjarige ervaart veel spanningen en is in therapie. De Raad adviseert geen omgang op dit moment, maar wel begeleiding voor het kind om een beeld van de vader te vormen.
De rechtbank volgt dit advies en wijst het verzoek van de vader tot omgang af. Wel wordt bepaald dat de moeder de vader viermaal per jaar schriftelijk informeert over de ontwikkeling van het kind. De kinderalimentatie wordt met ingang van 1 mei 2023 op nihil gesteld. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het overige verzoek wordt afgewezen.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en het eenhoofdig gezag aan de moeder toegekend; omgangsverzoek vader wordt afgewezen.