Uitspraak
[veroordeelde] ,
De vordering
De procesgang
Het advies
De standpunten
De beoordeling
Beslissing
met 12 maanden.
Rechtbank Den Haag
De veroordeelde, veroordeeld tot een PIJ-maatregel wegens diefstal met geweld en bedreiging, vertoonde in het eerste halfjaar van 2025 een positieve ontwikkeling met onder meer meerdaags onbegeleid verlof en deelname aan het Scholings- en Trainingsprogramma (STP).
Echter ontstond in juli 2025 een ernstige terugval door middelengebruik en psychische ontregeling, wat leidde tot beëindiging van het STP en overplaatsing naar de Forensische Observatie- en Begeleidingsafdeling (FOBA). Hoewel de situatie inmiddels enigszins is verbeterd, is verdere stabilisatie noodzakelijk.
De rechtbank acht een verlenging van de PIJ-maatregel met 12 maanden noodzakelijk om de veroordeelde de tijd te geven voor herstel, het vinden van een woonplek met intensieve begeleiding en het opnieuw opstarten van het verlof en het STP. Een kortere termijn van 6 maanden, zoals voorgesteld door de raadsvrouw, wordt onvoldoende geacht.
De beslissing is genomen na uitgebreide advisering door GZ-psychologen en pedagogisch directeuren, en na hoorzitting waarbij ook de reclassering en de raadsvrouw van de veroordeelde aanwezig waren. De maatregel zal, behoudens verdere verlenging, voorwaardelijk eindigen op 15 augustus 2026 en onvoorwaardelijk op 15 augustus 2027.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de PIJ-maatregel met 12 maanden vanwege de noodzaak tot verdere stabilisatie en begeleiding van de veroordeelde.