ECLI:NL:RBDHA:2025:1781
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen verlenging overdrachtstermijn Dublinprocedure
De minister van Asiel en Migratie heeft op 19 december 2024 besloten de overdrachtstermijn voor de overdracht van verzoeker aan Duitsland te verlengen op grond van artikel 29, tweede lid, van de Dublinverordening. Verzoeker heeft tegen dit verlengingsbesluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening op 14 januari 2025 behandeld, samen met een gerelateerde zaak (NL24.52059). Omdat op dezelfde dag als deze uitspraak in de hoofdzaak uitspraak is gedaan, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk en wijst het verzoek af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter J.H. Lange in aanwezigheid van griffier S.N. Lekatompessij en is uitgesproken in het openbaar op 6 februari 2025. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlenging van de overdrachtstermijn wordt afgewezen.