ECLI:NL:RBDHA:2025:1788

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
10 februari 2025
Publicatiedatum
11 februari 2025
Zaaknummer
NL24.31759
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 VwArt. 3:2 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige gedwongen rekrutering door Al Shabaab

Eiser, een Somalische minderjarige, diende op 13 december 2022 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder wees deze aanvraag op 18 juli 2024 af als ongegrond. Eiser stelde dat hij gedwongen was gerekruteerd door Al Shabaab buiten hun controlegebied en dat hij wist te ontsnappen, hetgeen volgens hem niet in strijd was met de landeninformatie.

De rechtbank oordeelde dat Al Shabaab in 2022 vooral binnen hun controlegebieden rekruteerde en dat gedwongen rekrutering buiten deze gebieden slechts zelden voorkwam. Eiser moest daarom overtuigend bewijs leveren, wat niet is gelukt. Zijn verklaringen waren tegenstrijdig over de omstandigheden van zijn rekrutering en ontsnapping, en hij heeft essentiële onjuistheden niet gecorrigeerd.

De rechtbank vond dat de gehoormedewerker voldoende doorvroeg en dat de vragen begrijpelijk waren gesteld. De verklaring van eiser over zijn ontsnapping werd als onwaarschijnlijk beoordeeld. Gezien het ontbreken van geloofwaardige onderbouwing werd het beroep ongegrond verklaard en kreeg eiser geen proceskostenvergoeding.

Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen wegens onvoldoende geloofwaardige onderbouwing van gedwongen rekrutering en ontsnapping.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.31759

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. E. El-Sharkawi),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. G. Cambier).

Inleiding

Bij besluit van 18 juli 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser afgewezen als ongegrond. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld.
Verweerder heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft beroep op 16 januari 2025 op zitting behandeld. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen [naam] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Beoordeling door de rechtbank

Feiten en omstandigheden
1. Eiser stelt te zijn geboren op [datum] 2005 en de Somalische nationaliteit te hebben. Op 13 december 2022 heeft hij een asielaanvraag ingediend in Nederland.
Bij het bestreden besluit heeft verweerder de aanvraag afgewezen als ongegrond op grond van artikel 31, eerste lid, van de Vw. [1] Eiser heeft zijn identiteit niet met documenten aangetoond. Eisers verklaring dat hij is ontvoerd door Al Shabaab en dat hij is ontsnapt uit het trainingskamp waar hij werd vastgehouden, wordt door verweerder niet geloofwaardig geacht.
Beroepsgronden
2. Eiser heeft tegen het bestreden besluit aangevoerd dat de werkwijze van Al Shabaab zoals door hem geschetst niet in strijd is met de landeninformatie in het Algemeen Ambtsbericht Somalië van juni 2023. Hieruit blijkt dat Al Shabaab ook rekruteert buiten de gebieden die onder hun macht staan. Daarnaast betwist eiser dat hij oppervlakkig en tegenstrijdig heeft verklaard. Er is onvoldoende rekening gehouden met het feit dat hij minderjarig, ongeschoold en getraumatiseerd is. De gehoormedewerker had beter door moeten vragen om eventuele onduidelijkheden weg te nemen. Dit volgt ook uit Werkinstructie 2014/10 waarin staat dat verweerder op grond van artikel 3:2 van Pro de Awb [2] een actieve onderzoeksplicht heeft. Eisers verklaring moet in hoofdlijnen beoordeeld worden.
Beoordeling door de rechtbank
3. In geschil is allereerst of eisers verklaringen over zijn gedwongen rekrutering door Al Shabaab in strijd zijn met de daarover bekende landeninformatie. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het Algemeen Ambtsbericht Somalië van juni 2023 dat Al Shabaab in 2022 met name nog rekruteerde in de gebieden die onder hun controle staan en slechts in beperkte mate daarbuiten. [3] Ook rekruteerden zij slechts bij uitzondering onder directe dwang. [4] . Eisers verklaring dat hij in 2022 in een gebied dat niet onder controle staat van Al Shabaab én onder dwang is gerekruteerd is weliswaar niet per definitie in strijd met deze landeninformatie, maar aangezien dit slechts bij hoge uitzondering voorkwam is het aan hem om overtuigend te verklaren over wat hem is overkomen.
4. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich op het standpunt kunnen stellen dat eiser daarin niet is geslaagd. Daarbij is van belang dat eiser tegenstrijdig heeft verklaard over het moment van rekrutering. In het gehoor van 16 december 2022 heeft hij verklaard dat hij op een voetbalveld was met een paar jongens uit de buurt, waar zij ineens werden omsingeld en afgevoerd. [5] In het nader gehoor heeft hij echter gesteld dat hij in een winkel met een paar jongens op de PlayStation aan het spelen was en vervolgens door gewapende mannen werd geblinddoekt en meegenomen. [6] Volgens eiser is wat er genoteerd is bij het gehoor van 16 december 2022 onjuist, maar hij heeft dit niet gecorrigeerd middels correcties en aanvullingen. Dat dit over het hoofd is gezien wordt onwaarschijnlijk geacht, aangezien dit een essentieel onderdeel van het relaas betreft. De ter zitting ingenomen stelling dat eiser heeft bedoeld dat hij een voetbalspel op de PlayStation aan het spelen was, strookt evenmin met de verklaring in het gehoor van 16 december 2022 en ook dat is iets dat hij middels correcties en aanvullingen had kunnen corrigeren.
5. Daarnaast heeft verweerder niet ten onrechte tegengeworpen dat eiser oppervlakkig heeft verklaard over het trainingskamp van Al Shabaab en over de manier waarop hij daaruit zou zijn ontsnapt. Uit het rapport van het nader gehoor blijkt dat de gehoormedewerker wel heeft doorgevraagd, bijvoorbeeld door meerdere malen te vragen naar de locatie van het kamp. [7] Eisers verklaring dat hij kon ontsnappen doordat op enig moment bijna alle bewakers op twee na waren weggeroepen om te gaan strijden, heeft verweerder onwaarschijnlijk kunnen achten. Verder blijkt uit het rapport van het nader gehoor dat de vragen in begrijpelijk taal zijn gesteld en dat err waar nodig vragen zijn gesteld ter verduidelijking. Ook volgt uit het voornemen dat verweerder rekening gehouden heeft met het referentiekader van eiser, maar dat verwacht wordt dat eiser op zijn eigen wijze en niveau meer zou moeten kunnen vertellen over de impactvolle gebeurtenissen die hij zou hebben meegemaakt. Dat kan de rechtbank volgen.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan op 10 februari 2025 door mr. A.C.J. van Dooijeweert, rechter, in aanwezigheid van mr. A.J.J. Sterks, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Vreemdelingenwet 2000.
2.Algemene wet bestuursrecht.
3.P. 38 AAB.
4.P. 36 AAB.
5.P. 5 rapport schouw.
6.P. 4 rapport nader gehoor.
7.P. 10 en 11 rapport nader gehoor.