ECLI:NL:RBDHA:2025:18169
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediend beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag Syrië
Eiser, afkomstig uit Syrië, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister ontving de aanvraag op 22 februari 2024 en diende uiterlijk binnen zes maanden te beslissen. Vanwege het besluit- en vertrekmoratorium voor Syrië, dat liep van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, werd de beslistermijn verlengd met één jaar tot maximaal 21 maanden.
Eiser stelde de minister op 23 juni 2025 schriftelijk in gebreke en diende op 14 juli 2025 beroep in tegen het niet tijdig beslissen. Omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken op het moment van het beroep, werd het beroep als prematuur beoordeeld en niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank vond geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en in het openbaar uitgesproken op 2 september 2025 door rechter R.J.A. Schaaf. Eiser kan binnen zes weken een verzetschrift indienen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.