ECLI:NL:RBDHA:2025:18842
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 1 februari 2024. De minister van Asiel en Migratie had echter een Besluit- en Vertrekmoratorium (BVM) ingesteld voor vreemdelingen uit Syrië, waardoor de beslistermijn verlengd werd tot maximaal 21 maanden.
Eiseres stelde de minister op 9 mei 2025 in gebreke en diende op 30 juni 2025 haar beroep in. Omdat het BVM op dat moment nog van kracht was, kon de minister nog niet beslissen en was de ingebrekestelling prematuur. De rechtbank oordeelde daarom dat het beroep niet voldoet aan de vereisten en niet-ontvankelijk is.
De rechtbank merkt op dat eiseres de minister opnieuw in gebreke kan stellen nu het BVM is geëindigd. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter A. Sibma en openbaar gemaakt op 14 oktober 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.