ECLI:NL:RBDHA:2025:19144
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen voortduren maatregel vreemdelingenbewaring ondanks psychische problemen
Eiser, een Sierra Leoonse vreemdeling, is sinds 22 augustus 2025 in vreemdelingenbewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het voortduren van de maatregel sinds 2 september 2025 getoetst, omdat eerdere toetsing reeds had plaatsgevonden tot die datum.
Eiser stelde psychische problemen te hebben, onderbouwd met een vertrekgesprek, verklaringen van een vriend en het stopzetten van het IOM-traject. Hij verzocht om een beoordeling van zijn detentiegeschiktheid en een mogelijke overplaatsing naar een ggz-instelling. De rechtbank constateerde dat eiser medicatie ontvangt en in beeld is bij de medische dienst van het detentiecentrum, waar de zorg gelijkwaardig is aan die in de vrije maatschappij. Er was geen bewijs van detentieongeschiktheid.
De rechtbank overwoog dat het indienen van een aanvraag voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw Pro niet automatisch het voortduren van de maatregel onrechtmatig maakt. De rechter kan niet vooruitlopen op de uitkomst van die procedure. Gezien deze omstandigheden achtte de rechtbank het voortduren van de maatregel rechtmatig en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.