ECLI:NL:RBDHA:2025:19530

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
8 oktober 2025
Publicatiedatum
27 oktober 2025
Zaaknummer
25-28861
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na uitspraak op beroep

In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag op 8 oktober 2025 uitspraak gedaan in een verzoek om voorlopige voorziening. Verzoeker, die een aanvraag had ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, had tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie beroep ingesteld. De minister had de aanvraag op 23 juni 2025 afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen in afwachting van de uitspraak op het beroep.

De zitting vond plaats op 6 oktober 2025, maar verzoeker en zijn gemachtigde hebben zich afgemeld. De voorzieningenrechter heeft op dezelfde dag uitspraak gedaan in het beroep met zaaknummer NL25.28860. Aangezien er inmiddels een uitspraak op het beroep was gedaan, was er geen noodzaak meer voor een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening dan ook afgewezen.

De uitspraak is gedaan door mr. M. van der Knijff, in aanwezigheid van griffier mr. A. Wilpstra - Foppen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. De voorzieningenrechter heeft geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.

Uitspraak

uitspraak
RECHTBANK IlEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht
zaaknummer NL25 . 28861
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker], V-nummer [V-nummer] , verzoeker
(gemachtigde mr. A. E. Martinez Linnemann),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde mr. A. Hadfy-Kovacs).
Procesverloop
1. Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een
verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 23 juni 2025 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
2. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep met zaaknummer NL25 . 28860, op 6 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan
heeft deelgenomen de gemachtigde van de minister. Verzoeker en zijn gemachtigde hebben zich afgemeld voor de zitting.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25 . 28860, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De
voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van der Knijff, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A. Wilpstra - Foppen, griffier.
zaaknummer NL25 28861 2
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op
08 oktober 2025
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.