ECLI:NL:RBDHA:2025:19578
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen verblijfsaanvraag verzorgende ouder
Verzoekster diende beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een verblijfsdocument als verzorgende ouder van een Nederlands minderjarig kind. Nadat de minister alsnog een besluit nam, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om vergoeding van haar proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat de minister tegemoet was gekomen aan het beroep en dat proceskostenvergoeding passend was. Gezien de lichte aard van de zaak en het inschakelen van professionele juridische hulp werd een vast bedrag toegekend met een wegingsfactor van 0,5.
De rechtbank veroordeelde de minister tot vergoeding van €453,50 aan proceskosten en het griffierecht. Er was geen aanleiding tot het houden van een zitting.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van €453,50 aan proceskosten en het griffierecht.