ECLI:NL:RBDHA:2025:19873
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediend beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag Syrië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister ontving de aanvraag op 26 november 2023 en moest binnen zes maanden beslissen, met een verlenging van negen maanden op grond van WBV 2023/3. Daarnaast gold voor Syrië een besluitmoratorium van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, waardoor de beslistermijn met maximaal één jaar werd verlengd tot in totaal 21 maanden.
Eiser stelde de minister op 27 juni 2025 schriftelijk in gebreke en diende op 17 juli 2025 beroep in tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn op dat moment nog niet was verstreken, aangezien de uiterste beslisdatum 26 augustus 2025 was. Hierdoor is het beroep prematuur en derhalve kennelijk niet-ontvankelijk.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar bekendgemaakt op 29 augustus 2025 door rechter O. Veldman. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediend beroep tegen niet tijdig beslissen binnen de verlengde beslistermijn.