ECLI:NL:RBDHA:2025:19875
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag van Syriër
In deze zaak heeft eiser, een Syriër, beroep ingesteld tegen de minister van Asiel en Migratie omdat deze niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft vastgesteld dat de minister de aanvraag op 29 oktober 2023 heeft ontvangen en dat hij uiterlijk binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag moet beslissen. Deze termijn is echter met negen maanden verlengd, waardoor de minister tot uiterlijk 29 juli 2025 de tijd had om te beslissen. Eiser heeft de minister op 1 juli 2025 in gebreke gesteld en op 22 juli 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling prematuur was, omdat de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor is het beroep van eiser niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank heeft geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. O. Veldman, rechter, en is op 29 augustus 2025 openbaar gemaakt.