Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 28 september 2022. Tijdens de procedure heeft de minister van Asiel en Migratie alsnog een besluit genomen en de aanvraag afgewezen op 4 juli 2025. Hierdoor is het procesbelang van eiser komen te vervallen, omdat het beroep nu geen inhoudelijke beoordeling meer behoeft.
De rechtbank heeft het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaard. Wel heeft de rechtbank de minister veroordeeld tot betaling van de door eiser gemaakte proceskosten, omdat het beroep gerechtvaardigd was vanwege het niet tijdig beslissen. De proceskosten zijn vastgesteld op €453,50, gebaseerd op de geldende regels voor bestuursrechtelijke proceskostenvergoeding.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op 30 oktober 2025 door rechter M.L. Weerkamp. Het vonnis is openbaar gemaakt en bevat tevens informatie over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.