ECLI:NL:RBDHA:2025:20303
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging op grond van Wvggz wegens bipolaire stoornis met ontregeling
Betrokkene, geboren in 1993, is opgenomen in een psychiatrische accommodatie na een periode van ernstige ontregeling als gevolg van een manisch psychotische decompensatie bij een bipolaire I stoornis. Hoewel zij vrijwillig is opgenomen en aangeeft de medicatie te zullen innemen, bestaat er geen overeenstemming over een medicatiewijziging en de noodzakelijke nazorg. Betrokkene verzet zich tegen een zorgmachtiging, maar erkent het belang van een nazorgtraject.
De officier van justitie verzocht de rechtbank om een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro. De rechtbank heeft op 27 oktober 2025 de zaak behandeld, waarbij betrokkene, haar advocaat, de psychiater en de afdelingsarts zijn gehoord. Uit de medische stukken en het zorgplan blijkt dat betrokkene een ernstig nadeel ondervindt door haar stoornis, waaronder risico's voor zichzelf en de omgeving.
De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. De zorgmachtiging omvat beperkingen in bewegingsvrijheid, medicatiecontrole, opname in een accommodatie en onderzoek op gedrag-beïnvloedende middelen. De verplichte zorg wordt beperkt tot 27 november 2025, met nazorg en controle op middelengebruik tot 27 april 2026. De rechtbank wijst het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging met beperkingen tot 27 november 2025 en nazorg tot 27 april 2026.