Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 24 september 2022. Tijdens de procedure heeft de minister van Asiel en Migratie de asielaanvraag op 2 juli 2024 ingewilligd. Vervolgens heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat de minister geheel aan het beroep tegemoet is gekomen door de asielaanvraag alsnog te honoreren. Op grond van artikel 8:75a van de Awb kan de rechtbank in dat geval het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten. De rechtbank stelt de proceskosten vast op €453,50, gebaseerd op een puntensysteem en een lichte wegingsfactor vanwege de beperkte aard van het beroep.
De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van deze proceskosten aan verzoeker. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 31 oktober 2025 door rechter M.L. Weerkamp.