ECLI:NL:RBDHA:2025:20425
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de minister op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel. De minister ontving de aanvraag op 23 december 2023 en had volgens de wet zes maanden om te beslissen. Deze termijn werd verlengd met negen maanden op grond van WBV 2023/34 en met een jaar vanwege het besluitmoratorium voor Syrië, waardoor de beslistermijn maximaal 21 maanden bedroeg.
Eiser stelde de minister op 9 juli 2025 schriftelijk in gebreke, maar op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken. Hierdoor is de ingebrekestelling te vroeg ingediend en is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en kwam niet toe aan het vaststellen van een eventuele bestuurlijke dwangsom.
De uitspraak bevestigt dat de wettelijke termijnen en verlengingen strikt moeten worden nageleefd en dat een te vroege ingebrekestelling niet leidt tot ontvankelijkheid van het beroep. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.