De rechtbank Den Haag heeft op 22 oktober 2025 een beschikking uitgesproken over een ondertoezichtstelling van drie minderjarige kinderen, op verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming. De oudste minderjarige vertoont ernstige gedragsproblemen, waaronder agressie en een verhoogde opvoedvraag, waardoor hij sinds zijn vierde jaar geen regulier onderwijs volgt. De ouders zijn gescheiden en delen het ouderlijk gezag.
De Raad heeft zorgen geuit over de ontwikkeling van alle drie de kinderen, met name vanwege de problematiek van de oudste en de verstoorde communicatie tussen de ouders. De vrijwillige hulpverlening bleek onvoldoende om de bedreiging in de ontwikkeling weg te nemen. Zowel de vader als de moeder erkennen de problematiek en staan open voor betrokkenheid van een jeugdbeschermer, hoewel de vader de noodzaak voor de jongere kinderen betwist.
De kinderrechter oordeelt dat aan de voorwaarden voor ondertoezichtstelling is voldaan vanwege de ernstige bedreiging van de ontwikkeling, de complexe problematiek en de systemische spanning binnen het gezin. De beschikking geldt voor de duur van een jaar en is direct uitvoerbaar, waarbij een jeugdbeschermer wordt betrokken om de hulpverlening te coördineren en de ouders te ondersteunen.