Eiser, een Kameroense staatsburger, verzocht om een verblijfsvergunning asiel na deelname aan een demonstratie en daaropvolgende arrestaties. De minister van Asiel en Migratie wees het verzoek af wegens het ontbreken van een reëel risico op ernstige schade bij terugkeer naar Kameroen.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk wordt vervolgd vanwege politieke overtuiging. Zijn arrestaties waren willekeurig en zonder persoonlijke verdenking, en hij kon herhaaldelijk zonder problemen terugkeren naar zijn woonplaats Bamenda. Ook de vrees voor vervolging door de Ambazonia Defence Forces (ADF) en problemen vanwege tatoeages werden niet aannemelijk geacht.
Verder werd het binnenlands beschermingsalternatief in de regio's Yaounde, Douala en Bafoussam als passend beschouwd, mede gezien de verblijfplaats van de partner van eiser. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en wijst een proceskostenveroordeling af.