ECLI:NL:RBDHA:2025:20728
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet betalen griffierecht in vreemdelingenzaak
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de minister op haar aanvraag van 4 december 2024. De rechtbank heeft eiseres meerdere keren aangemaand om het griffierecht van €194,- te voldoen, conform artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet betaald en is er geen geldige reden opgegeven voor het uitblijven van betaling.
De rechtbank heeft daarom besloten het beroep niet inhoudelijk te behandelen en het beroep kennelijk niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 8:54, eerste lid, Awb. Eiseres krijgt geen gelijk en ontvangt geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier C.A.A.W. van der Heijden op 14 oktober 2025.
De rechtbank heeft geen zitting gehouden omdat dat in deze procedure niet noodzakelijk was. Eiseres wordt gewezen op de mogelijkheid binnen zes weken een verzetschrift in te dienen tegen deze uitspraak, eventueel met verzoek om een zitting.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht.