Eiser diende een beroep in tegen het niet tijdig beslissen van de minister van Asiel en Migratie op zijn aanvraag. Op 13 augustus 2025 heeft de minister alsnog een besluit genomen, waardoor het beroep zijn doel heeft verloren en de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaart.
De rechtbank ziet geen noodzaak tot het houden van een zitting en oordeelt dat eiser geen procesbelang meer heeft bij het beroep. Wel veroordeelt de rechtbank de minister in de proceskosten van eiser vanwege de te late besluitvorming, waarbij een bedrag van €453,50 wordt toegekend.
De minister heeft niet gereageerd op het verzoek van eiser om proceskosten te vergoeden, waaruit de rechtbank concludeert dat de minister geen bezwaar maakt tegen deze veroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter O. Veldman en griffier C.A.A.W. van der Heijden op 11 september 2025.