ECLI:NL:RBDHA:2025:20751
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister ontving de aanvraag op 14 juni 2024 en diende uiterlijk binnen zes maanden te beslissen. Vanwege het besluitmoratorium voor Syrië, dat gold van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, werd de beslistermijn verlengd met een jaar tot maximaal 21 maanden.
Eiser stelde de minister op 10 juli 2025 in gebreke, maar op dat moment was de verlengde beslistermijn nog niet verstreken. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling daarom te vroeg was en het daaropvolgende beroep niet-ontvankelijk is. De minister had tot uiterlijk 14 december 2025 om te beslissen.
De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en wees het beroep af op de grond van niet-ontvankelijkheid. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier C.A.A.W. van der Heijden op 9 september 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een te vroege ingebrekestelling binnen de verlengde beslistermijn.