ECLI:NL:RBDHA:2025:20798
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen besluit niet-behandeling asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Frankrijk
Verzoeker, van Algerijnse nationaliteit, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie besloot op 16 juni 2025 de aanvraag niet in behandeling te nemen omdat Frankrijk volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 5 november 2025 samen met een gerelateerde zaak (NL25.26907).
De voorzieningenrechter oordeelde dat nu in de hoofdzaak uitspraak was gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot niet-behandeling van de asielaanvraag wordt afgewezen.