ECLI:NL:RBDHA:2025:20968
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking niet-ontvankelijk beroep tegen niet tijdig beslissen
Verzoeker diende een beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de minister van Asiel en Migratie. Dit beroep werd ingetrokken voordat de rechtbank zich erover kon uitspreken. Verzoeker vroeg vervolgens om een proceskostenvergoeding.
De rechtbank overwoog dat het beroep prematuur was ingediend omdat de termijn waarbinnen de minister moest beslissen nog niet was verstreken. Hierdoor zou het beroep niet-ontvankelijk zijn geweest als het niet was ingetrokken.
Omdat het beroep niet ontvankelijk was, is er geen sprake van een geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen door de minister in de zin van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom wijst de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en bekendgemaakt op 7 november 2025 door rechter G.W.B. Heijmans.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het beroep niet-ontvankelijk was en geen sprake is van tegemoetkomen door de minister.