ECLI:NL:RBDHA:2025:21039

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
10 november 2025
Publicatiedatum
10 november 2025
Zaaknummer
C/09/692838 / KG ZA 25-1001
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Geschil over totstandkoming huurovereenkomst tussen LS Investments en Autel Netherlands

In deze zaak vordert LS Investments dat de voorzieningenrechter Autel veroordeelt tot nakoming van een huurovereenkomst, dan wel tot het voortzetten van de onderhandelingen over deze overeenkomst. LS Investments stelt dat er een huurovereenkomst tot stand is gekomen op basis van e-mailcorrespondentie en telefonische onderhandelingen. Autel betwist dit en beroept zich op een totstandkomingsvoorbehoud, waardoor zij niet verplicht zou zijn om de onderhandelingen voort te zetten. De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen huurovereenkomst tot stand is gekomen, omdat Autel niet akkoord was met de (concept)huurovereenkomst en interne goedkeuring nodig had. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van LS Investments af en veroordeelt haar in de proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van vertegenwoordiging en goedkeuring in contractonderhandelingen, vooral bij internationale bedrijven.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/692838 / KG ZA 25-1001
Vonnis in kort geding van 10 november 2025
in de zaak van
LS INVESTMENTS HOLDING B.V.te Delft,
eiseres,
hierna: LS Investments,
advocaten: mr. E.A.H. ten Berge en mr. R.H.E. den Brabander,
tegen:
AUTEL NETHERLANDS B.V.te Voorburg,
gedaagde,
hierna: Autel
advocaat mr. C.A. Gobbens.

1.De procedure

1.1.
Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:
- de dagvaarding van 17 oktober 2025 met producties 1 t/m 12;
- de conclusie van antwoord van Autel met producties 1 t/m 10;
- de op 27 oktober 2025 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door beide partijen pleitnotities zijn overgelegd.

2.De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
2.1.
LS Investments is eigenaar van de onroerende zaak aan de [adres] te ( [postcode] ) [plaats] . Dit betreft een bedrijfsruimte op de begane grond, een kantoorruimte verdeeld over drie verdiepingen, twintig parkeerplaatsen en een afgesloten buitenterrein (hierna: de bedrijfsruimte). LS Investments heeft de bedrijfsruimte te huur aangeboden via [bedrijf] B.V.
2.2.
Het Autel-concern houdt zich wereldwijd bezig met het ontwikkelen, produceren en vermarkten van laadpalen voor elektrische auto’s en automotive diagnose- en testapparatuur. Het hoofdkantoor van het concern is gevestigd in Shenzhen (Volksrepubliek China) en Autel Netherlands B.V. is de Nederlandse vestiging. Enig aandeelhouder van Autel Netherlands B.V is de Chinese moedermaatschappij Hainan Autel Intelligent Technology Co., Ltd. De bestuurders van Autel Netherlands B.V. zijn de heer [naam 1] , (tot 1 september mevrouw [naam 2] ) en (sinds 1 september 2025) de heer [naam 3] . De heer [naam 1] is alleen/zelfstandig bevoegd. Hij is tevens de voorzitter en algemeen directeur van de moedermaatschappij en werkt op het hoofdkantoor in China. De heer [naam 3] en zijn voorganger mevrouw [naam 2] opereren vanuit Nederland en zijn slechts gezamenlijk bevoegd. De heer [naam 1] heeft aan de heer [naam 4] een volmacht verstrekt om de Autel Europe Group (waar Autel Netherlands B.V. onder valt) te vertegenwoordigen en namens haar te handelen.
2.3.
Op 16 mei 2025 heeft Autel aan het makelaarskantoor haar interesse kenbaar gemaakt voor de huur van de bedrijfsruimte. Op 27 mei 2025 heeft een delegatie namens Autel (bestaande uit de heer [naam 3] , mevrouw [naam 5] (sales manager) en twee medewerkers van de administratieve- en technische afdeling) de bedrijfsruimte bezichtigd, waarna partijen in onderhandeling zijn getreden over het sluiten van een huurovereenkomst. Deze onderhandelingen vonden met tussen de heer [naam 6] van het makelaarskantoor namens LS Investments en mevrouw [naam 5] namens Autel (vanwege haar kennis van de Nederlandse taal). [naam 6] en [naam 5] hebben daarbij steeds contact opgenomen met hun respectievelijke achterban om de voorstellen voor te leggen en de reacties terug te koppelen.
2.4.
Op 28 mei 2025 13:10 uur heeft [naam 7] , medewerkster van Autel, namens Autel (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] en [naam 8] ) aan [naam 6] het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“We were very pleased with the property during our visit. The only remaining question concerns whether the location can meet our power requirements. For our testing purposes, we ideally need a power capacity of 400 kW, with a minimum of 100 kW. Additionally, we would like to know if the property has a fibre optic internet connection.
We look forward to receiving your proposal by e-mail.”
2.5.
Op 28 mei 2025 14:50 uur heeft [naam 6] aan [naam 7] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] en [naam 8] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“In gevolge het mailcontact en de bezichtiging op locatie gister, zend ik u onderstaand ons huurvoorstel aangaande de [adres] te [plaats] .
(…)
Huurprijs: € 95.000,-- per jaar excl. BTW en eventuele servicekosten.
(....)
Ingangsdatum: 01 augustus 2025.
(…)”
2.6.
Op 3 juni 2025 17:44 uur heeft [naam 7] namens Autel aan [naam 6] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] en [naam 8] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Following internal discussion, we are pleased to present the following counterproposal for your kind consideration:
(…)
3. Monthly Rent:
€15,000 per month, excluding VAT, including 20 parking spaces.
This equates to €180,000 annually.
4. Lease Start Date:
November 1, 2025 (instead of September 1, 2025), to align better with our operational planning.”
(…)
16. Other Terms:
All other terms and conditions, including use, zoning, alterations, and the standard ROZ
lease agreement (2015 model), are accepted as proposed, subject to final legal review.”
2.7.
Op 6 juni 2025 heeft telefonisch overleg plaatsgevonden tussen [naam 6] en [naam 5] , waarna [naam 6] op 6 juni 2025 17:51 uur aan [naam 7] (met kopie aan) [naam 3] , [naam 5] en [naam 8] ) het volgende – voor zover hier van belang – heeft gemaild:
“Onderstaand zoals besproken akkoord onder de navolgende aanpassingen:
- 01 november wordt 01 september:
- Huurprijs € 16.250 per maand (huurkorting t/m eind van het jaar á € 1.250 per maand, aldus
maandelijks € 15.000).
Overige aspecten zoals onderstaand beschreven.
Wij ontvangen graag jullie bevestiging/akkoord.”
2.8.
Op 6 juni 2025 18:04 uur heeft [naam 7] namens Autel aan [naam 6] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] en [naam 8] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Thank you for your email. We confirm receipt of the offer.
Could you please send us the inventory and the contract as soon as possible, so we can proceed with the review and next steps?”
2.9.
Op 11 juni 2025 15:49 uur heeft [naam 6] aan [naam 7] het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Attached is the rental agreement for your review. We would also kindly ask you to provide a copy of your ID for completeness. If you have any questions or comments, please let us know. Once you agree, we can schedule a signing appointment.”
2.10.
Op 20 juni 2025 heeft [naam 5] aan [naam 6] de volgende WhatsApp-berichten gestuurd:
17:21 uur : “(…) we hebben een Legal Counsel en HQ waar we even afhankelijk van zijn.”
17:24 uur: “(…) we hebben nog wel een corporate die nog even klap op geeft.”
2.11.
Op 27 juni 2025 15:04 uur heeft [naam 7] namens Autel aan [naam 6] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] , [naam 8] , [naam 2] en [naam 9] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Thank you for your patience. We are currently in the process of internal review and approval of the lease agreement. In the meantime, we would like to share some initial feedback and questions regarding the current draft:
(…)
We hope this initial feedback helps keep the process moving. We will follow up with a more comprehensive response after internal approval procedures are completed.”
2.12.
Op 30 juni 2025 12:16 uur heeft [naam 6] aan [naam 7] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] , [naam 8] , [naam 2] en [naam 9] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Please find below our response to the points raised, as well as the internet contract and the revised lease agreement attached.
As discussed with [naam 5] last Friday, we do expect a bit more momentum in the process and would like to have the lease agreement signed by this coming Friday at the latest.”
2.13.
Op 3 juli 2025 10:52 uur heeft [naam 5] aan [naam 6] het volgende WhatsApp-bericht gestuurd:
“(…) we zijn in afwachting van Legal maar [naam 7] stuurt asap een update !”
2.14.
Op 4 juli 2025 15:33 uur heeft [naam 7] namens Autel aan [naam 6] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] , [naam 8] , [naam 2] en [naam 9] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Although we internally confirmed our interest in June, the formal approval process on our side has unfortunately taken longer than expected. Due to the summer holiday period, some of our legal and finance colleagues are currently in holiday, and this has significantly slowed down the internal review and approval workflow.
We are still fully interested in proceeding with this property, but we kindly ask for a bit more time to complete our internal procedures. We will keep you updated as soon as we have a more concrete timeline.”
2.15.
Op 8 juli 2025 13:49 uur heeft [naam 6] aan [naam 5] de volgende WhatsApp-berichten gestuurd:
“Wil jij vragen hoeveel tijd ze nog nodig hebben denk je?”
“Dan kan ik op basis daarvan een beslissing maken met verhuurders”
2.16.
Op 18 juli 2025 17:04 uur heeft [naam 6] aan [naam 5] het volgende WhatsApp-bericht gestuurd:
“Er heeft zich ook een andere partij gemeld, waar wij aanstaande dinsdag mee gaan kijken op locatie.”
2.17.
Op 23 juli 2025 09:50 uur geeft [naam 6] aan [naam 7] (met kopie aan [naam 3] , [naam 5] , [naam 8] , [naam 2] en [naam 9] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“Can we expect an update? I've been in contact with [naam 5] several times, but our trust and patience are starting to wear thin.”
2.18.
Op 29 juli 2025 17:42 uur heeft [naam 5] aan [naam 6] het volgende WhatsApp-bericht gestuurd:
“(…) Daarnaast heb ik op het moment weinig nieuws van de CEO”
2.19.
Op 30 juli 2025 17:55 uur heeft [naam 5] aan [naam 6] het volgende WhatsApp-bericht gestuurd:
“(…) Autel blijft bij het eerder afgegeven standpunt zoals eerder aangegeven in de email. Ik kan er helaas niks anders van maken op het moment.”
2.20.
Op 30 juli 2025 22:16 uur geeft [naam 6] aan [naam 7] , [naam 3] , [naam 5] , [naam 8] , [naam 2] , [naam 9] (met kopie aan [naam 10] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“To be completely honest, I have never experienced a situation where it takes seven weeks to receive approval on a lease agreement. (…)
We have repeatedly stated that the only remaining steps are your signature and the payment of the security deposit. However, to date, I have not received any identification from the authorized signatory, only five comments have been made on the lease agreement, and there is still no final approval or signed agreement.
(…)
I expect a final response to the current lease agreement, or an explicit approval, no later than this coming Friday.”
2.21.
Op 31 juli 2025 09.59 uur heeft [naam 7] namens Autel naar [naam 6] , [naam 3] , [naam 5] , [naam 8] , [naam 2] , [naam 9] (met kopie aan [naam 10] ) het volgende – voor zover hier van belang – gemaild:
“After careful internal review, we have decided not to proceed with the lease of the property. (…)
While our decision was based on several internal considerations, we acknowledge that the timeline did not meet expectations and regret any inconvenience caused.”

3.Het geschil

3.1.
LS Investments vordert – zakelijk weergegeven – dat de voorzieningenrechter, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
primair: Autel veroordeelt tot nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst, op straffe van een dwangsom;
  • subsidiair: Autel gebiedt om de onderhandelingen op basis van de (concept)huurovereenkomst met LS Investments voort te zetten en af te ronden op straffe van een dwangsom;
  • Autel veroordeelt in de proceskosten en de nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente.
3.2.
Daartoe voert LS Investments – samengevat – aan dat tussen partijen een huurovereenkomst tot stand is gekomen op grond waarvan Autel gehouden is om (onder meer) de overeengekomen waarborgsom en de maandelijks verschuldigde huurtermijnen te voldoen. Autel heeft op 3 juni 2025 per e-mail een aanbod gedaan, waarna tijdens een telefonische onderhandeling op 6 juni 2025 tussen partijen wilsovereenstemming is bereikt over de essentialia van de huur (het gehuurde object, de huurprijs en de ingangsdatum) en over nagenoeg alle overige voorwaarden. De wilsovereenstemming is vervolgens vastgelegd in een (concept)huurovereenkomst van 11 juli 2025 en (na enkele aanpassingen van ondergeschikte aard) opnieuw in een definitieve huurovereenkomst van 30 juni 2025. Ondertekening hiervan is niet vereist; voor het tot stand komen van een overeenkomst is op grond van artikel 6:217 Burgerlijk Wetboek voldoende dat sprake is van aanbod en aanvaarding. Gedurende de onderhandelingen heeft Autel geen voorbehoud gemaakt dat de overeenkomst pas tot stand zou komen na “internal review”, “formal approval” en/of ondertekening door een vertegenwoordigingsbevoegde. Dit heeft Autel pas aan de orde gesteld nadat de huurovereenkomst tot stand was gekomen en op 30 juni 2025 ter ondertekening was gedeeld.
Subsidiair stelt LS Investments dat Autel verplicht is de onderhandelingen over de huurovereenkomst voort te zetten op basis van de huurovereenkomst van 30 juni 2025. Autel was niet gerechtigd om op 31 juli 2025 de onderhandelingen af te breken omdat al sinds 6 juni 2025 wilsovereenstemming bestond over ten minste de essentialia van de huurovereenkomst. Autel heeft de interne procedures en formele goedkeuring afgedaan als een formaliteit en niet als opschortende voorwaarde, zodat bij LS Investments een gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de huurovereenkomst tot stand zou komen.
LS Investments stelt dat zij (spoedeisend) belang heeft bij haar vorderingen omdat zij zonder duidelijkheid over haar rechtspositie niet over kan gaan tot verhuur van de bedrijfsruimte aan een derde en dat zij anders huurinkomsten misloopt.
3.3.
Autel voert verweer strekkende tot afwijzing van de vorderingen met veroordeling van LS Investments in de proceskosten en de nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente.
3.4.
Autel voert verweer, dat hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.

4.De beoordeling van het geschil

Spoedeisend belang
4.1.
Het gaat er in deze zaak om of tussen LS Investments en Autel een huurovereenkomst tot stand is gekomen, en zo niet, of Autel verplicht is de onderhandelingen over de huurovereenkomst voor te zetten. Indien geoordeeld wordt dat een huurovereenkomst tot stand is gekomen, is Autel per 1 september 2025 gehouden de daaruit voortvloeiende verplichtingen na te komen, waaronder het betalen van de waarborgsom en het voldoen van de maandelijkse huurtermijnen. Nu die ingangsdatum reeds is verstreken, heeft LS Investments naar het oordeel van de voorzieningenrechter voldoende spoedeisend belang bij haar vorderingen. Van LS Investments kan niet in redelijkheid worden verwacht dat zij de uitkomst van een bodemprocedure afwacht om duidelijkheid te krijgen over de vraag of Autel de huurovereenkomst dient na te komen en of LS Investments de bedrijfsruimte voor haar beschikbaar moet houden.
4.2.
De voorzieningenrechter oordeelt dat tussen partijen geen huurovereenkomst tot stand is gekomen en dat het niet onredelijk of onaanvaardbaar is dat Autel zich beroept op haar totstandkomingsvoorbehoud, zodat zij niet verplicht is de onderhandelingen voort te zetten. De voorzieningenrechter zal zijn oordeel hieronder toelichten.
Geen huurovereenkomst tot stand gekomen
4.3.
LS Investments stelt zich primair op het standpunt dat tussen haar en Autel een huurovereenkomst tot stand is gekomen. Zij voert daartoe aan dat Autel bij e-mail van 3 juni 2025 heeft voorgesteld om de bedrijfsruimte per 1 november 2025 te huren voor € 15.000,- per maand, waarna op 6 juni 2025 tijdens een telefoongesprek tussen partijen wilsovereenstemming is bereikt over de essentialia van de huur (ingangsdatum 1 september 2025 en een huurprijs van € 16.250,- (t/m eind 2025 € 15.000,-) per maand), zoals bevestigd door [naam 6] in zijn e-mail van 6 juni 2025. Daarmee is volgens LS Investments sprake van aanbod en aanvaarding in de zin van artikel 6:217 Burgerlijk Wetboek en is een huurovereenkomst tot stand gekomen.
4.4.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat LS Investments niet aannemelijk heeft gemaakt dat tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen en licht dat als volgt toe.
4.5.
Tussen partijen is niet in geschil dat de door [naam 6] aan Autel toegezonden (schriftelijke) overeenkomst niet is ondertekend door Autel. De vraag is of partijen desondanks overeenstemming hadden over de essentialia van de huurovereenkomst, zodat ondanks het ontbreken van een handtekening van Autel toch wilsovereenstemming is bereikt. In het telefoongesprek van 6 juni 2025 hebben partijen een huurprijs van € 16.500 (t/m einde 2025 € 15.000,-) per maand en ingangsdatum 1 november 2025 besproken. LS Investments stelt dat Autel daarmee tijdens het telefoongesprek heeft ingestemd en dat partijen aldus op 6 juni 2025 wilsovereenstemming over de essentialia hadden bereikt.
4.6.
In de e-mail die [naam 6] na het telefoongesprek op 6 juni 2025 naar Autel heeft gestuurd, geeft hij de “besproken en (door LS Investments) akkoord” bevonden huurprijs en ingangsdatum weer en vraagt hij Autel om “bevestiging/akkoord”. Dit duidt er naar het oordeel van de voorzieningenrechter op dat partijen op dat moment – ook in de visie van LS Investments via de bewoordingen gebezigd door haar makelaar – nog geen wilsovereenstemming hadden bereikt. Dit wordt bevestigd door het antwoord van [naam 7] namens Autel, die (vertaald naar het Nederlands) niet meer dan “de ontvangst van het aanbod bevestigt” (“
We confirm receipt of the offer”).
4.7.
Uit de verdere mail- en WhatsApp-correspondentie tussen partijen blijkt ook dat Autel (nog) niet akkoord was met de (concept)huurovereenkomst en dat zij meermaals heeft aangegeven dat voor de totstandkoming van de overeenkomst interne toetsing/formele goedkeuring vanuit de moedermaatschappij (het hoofdkantoor van het Autel-concern in China) nodig was en dat die (nog) niet was gegeven. Dit heeft Autel al aangegeven in haar eerste voorstel op 3 juni 2025 (“
subject to final legal review”) en niet – zoals LS Investments heeft aangevoerd – pas nadat de huurovereenkomst op 6 juni 2025 tot stand was gekomen en op 30 juni 2025 ter ondertekening was gedeeld. Duidelijk is, of moest zijn, voor LS Investments, dat elke stap in de onderhandelingen met het bevoegde gremium afgestemd moest worden. Uit de bewoordingen van de e-mail van 3 juni 2025 kon LS Investments immers opmaken dat kennelijk eerst “internal discussion” nodig was alvorens Autel een voorstel kon doen (“
Following internal discussion, we are pleased to present the following counterproposal for your kind consideration”).
Ook in de e-mail van 6 juni 2025 waarin Autel (na het telefoongesprek) de ontvangst van het aanbod bevestigde, gaf zij aan dat vervolgens “review and next steps” plaats zouden gaan vinden (“
Could you please send us the inventory and the contract as soon as possible, so we can proceed with the review and next steps?”).
Uit het antwoord van [naam 6] (namens LS Investments) daarop (“
Once you agree”)blijkt ook dat hij zich terdege ervan bewust was van het feit dat zijn gesprekspartners van Autel in Nederland terug moesten naar de daartoe bevoegde functionarissen van Autel voor akkoord
.
Op 20 juni 2025 heeft [naam 5] in een WhatsApp-bericht naar [naam 6] wederom duidelijk aangegeven dat Autel afhankelijk is van “een Legal Counsel en HQ” en dat “een corporate” er nog een klap op moest geven.
Ook op 27 juni 2025 geeft [naam 7] aangegeven dat Autel in het proces van “internal review and approval” is en spreekt zij over een concept (“
We are currently in the process of internal review and approval of the lease agreement. In the meantime, we would like to share some initial feedback and questions regarding the current draft: (…) We hope this initial feedback helps keep the process moving. We will follow up with a more comprehensive response after internal approval procedures are completed.”).
[naam 6] heeft daarop op 30 juni 2025 de aangepaste (concept)huurovereenkomst gemaild en gevraagd om meer tempo in het proces (“
Please find below our response to the points raised, as well as the internet contract and the revised lease agreement attached. As discussed with [naam 5] last Friday, we do expect a bit more momentum in the process and would tike to have the lease agreement signed by this coming Friday at the latest.”). Ook dit duidt erop dat er op dat moment tussen partijen – ook in de beleving van [naam 6] en daarmee LS Investments – kennelijk nog geen overeenstemming over de huurovereenkomst was bereikt. Ook in de daarop volgende correspondentie (op 3, 4 en 29 juli) is van de kant van Autel steeds aangegeven in afwachting te zijn van interne goedkeuring en heeft [naam 6] (op 8, 18, 23 en 30 juli) aangegeven dat LS Investments in afwachting is was van een reactie en – als het te lang gaat duren – dat zij met een andere geïnteresseerde partij de bedrijfsruimte zou gaan bezichtigen. Uit dit alles volgt dat (nog) geen huurovereenkomst tussen partijen tot stand is gekomen.
4.8.
De voorzieningenrechter overweegt nog dat – als er al overeenstemming zou zijn bereikt over de huurovereenkomst – LS Investments onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij heeft onderhandeld met een vertegenwoordigingsbevoegde partij of dat Autel Netherlands de schijn heeft gewekt dat daarvan sprake was. Vanaf het eerste contact was voor LS Investments duidelijk dat zij te maken had met (een delegatie van) de Nederlandse vestiging van het Autel-concern dat haar hoofdkantoor in China heeft. De bestuurders van Autel Netherlands B.V., de heer [naam 3] en zijn voorganger mevrouw [naam 2] , zijn (via toezending van de e-mails in kopie) bij de onderhandelingen betrokken geweest, maar zij zijn slechts gezamenlijk bevoegd (met de heer [naam 1] , de directeur van de moedermaatschappij, die de heer [naam 4] heeft gemachtigd). Dit was kenbaar voor LS Investments uit de inschrijving in de Kamer van Koophandel van Autel Netherlands B.V. Er zijn geen omstandigheden gesteld of gebleken waaruit valt op te maken dat van een aan Autel toerekenbare schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid anderszins sprake was.
4.9.
Nu LS Investments onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat partijen overeenstemming hebben bereikt, is de conclusie dat tussen partijen geen huurovereenkomst tot stand is gekomen. De primaire vordering zal dan ook worden afgewezen.
Niet verplicht tot dooronderhandelen
4.10.
LS Investments stelt zich subsidiair op het standpunt dat Autel de interne procedures en formele goedkeuring steeds heeft afgedaan als een formaliteit en niet als een opschortende voorwaarde, zodat bij LS Investments het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de huurovereenkomst tot stand zou komen en dat Autel verplicht is de onderhandelingen voort te zetten.
4.11.
Autel heeft uiteindelijk op 31 juli 2025 aan LS Investments kenbaar gemaakt dat de goedkeuring vanuit het hoofdkantoor “na interne beoordeling” niet zou worden gegeven vanwege “verschillende interne overwegingen” en omdat “de planning niet aan de verwachtingen voldeed”. De voorzieningenrechter kan er begrip voor opbrengen dat deze motivering op LS Investments enigszins raadselachtig overkomt, maar tegelijkertijd geldt dat Autel, gezien het telkens gemaakte en niet nader omlijnde voorbehoud, de vrijheid had geen huurovereenkomst aan te gaan. Er zijn geen argumenten aangedragen die aanleiding geven tot de conclusie dat Autel van die vrijheid, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid, geen gebruik meer kon maken en dus gehouden zou zijn mee te werken aan het alsnog bereiken van volledige wilsovereenstemming. De vordering om Autel te verplichten om de onderhandelingen voort te zetten zal dan ook worden afgewezen.
4.12.
LS Investments is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Autel worden begroot op:
- griffierecht € 714,-
- salaris advocaat € 1.107,-
- nakosten € 178,- (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 1.999,-
4.13.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter:
5.1.
wijst het gevorderde af;
5.2.
veroordeelt LS Investments in de proceskosten van Autel van € 1.999,-, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als LS Investments niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet LS Investments € 92,- extra betalen, plus de kosten van betekening;
5.3.
veroordeelt LS Investments in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan;
5.4.
verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Vetter en in het openbaar uitgesproken op 10 november 2025.
JvL