Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
€ 453,50 (vierhonderddrieënvijftig euro en vijftig cent).
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft op 30 mei 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 29 november 2022. Vervolgens heeft verweerder op 16 oktober 2025 alsnog een besluit genomen en de asielaanvraag afgewezen. Verzoeker stelde daartegen afzonderlijk beroep in, maar trok dit beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder door het alsnog beslissen binnen de procedure geheel aan het beroep van verzoeker is tegemoetgekomen. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechtbank bij intrekking van het beroep de proceskosten aan de verzoeker toewijzen.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €453,50, berekend op basis van een puntensysteem met een wegingsfactor van 0,5 vanwege de lichte aard van het beroep, dat uitsluitend ziet op het niet tijdig beslissen. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van €453,50 aan proceskosten aan verzoeker.