ECLI:NL:RBDHA:2025:21432
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag Syrië en besluitmoratorium; beroep niet tijdig niet-ontvankelijk
In deze zaak heeft eiser, een Syrische vreemdeling, beroep ingesteld tegen de minister van Asiel en Migratie omdat deze niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel. De minister ontving de aanvraag op 16 mei 2024 en had volgens de wet binnen zes maanden moeten beslissen. Eiser heeft de minister op 16 juni 2025 in gebreke gesteld, maar heeft pas op 10 juli 2025 beroep ingesteld, meer dan twee weken na de ingebrekestelling. De rechtbank oordeelt dat de minister de beslistermijn had verlengd door toepassing van een besluitmoratorium voor Syrië, dat gold van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. Dit moratorium verlengde de beslistermijn voor asielaanvragen met een jaar, waardoor de minister uiterlijk op 17 november 2025 moest beslissen. Aangezien de beslistermijn nog niet was verstreken op het moment van de ingebrekestelling en het beroep, verklaart de rechtbank het beroep van eiser niet-ontvankelijk. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.