ECLI:NL:RBDHA:2025:21586
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.M. Meijers
- M.J.J. Roks
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van beroep wegens ingetrokken besluit in bestuursrechtelijke procedure
In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag op 21 november 2025, met zaaknummer AWB 24/12626, wordt het beroep van eiser tegen de oplegging van een ROV-maatregel 1 behandeld. De maatregel, die inhouding van één week leefgeld inhield, was gebaseerd op een besluit van 12 juli 2024. Echter, op 29 augustus 2024 heeft verweerder, het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa), schriftelijk medegedeeld dat het bestreden besluit werd ingetrokken. Ondanks deze intrekking heeft eiser zijn beroep gehandhaafd en verzocht om een proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelt dat, omdat het bestreden besluit is ingetrokken, eiser geen procesbelang meer heeft bij een inhoudelijke beoordeling van de beroepsgronden. Hierdoor wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank wijst ook het verzoek om proceskostenvergoeding af, omdat het beroep niet is ingediend door een professionele rechtsbijstandsverlener. De hoogte van het griffierecht is vastgesteld op nihil, waardoor er geen aanleiding is voor vergoeding van griffierecht op basis van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De uitspraak benadrukt het belang van procesbelang in bestuursrechtelijke procedures en de voorwaarden voor het toekennen van proceskostenvergoedingen. De beslissing is openbaar uitgesproken en een afschrift is verzonden aan de betrokken partijen.