Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Nigeriaanse christelijke asielzoeker, diende op 17 oktober 2022 een asielaanvraag in Nederland in, stellende dat hij discriminatie ondervond vanwege zijn religie en vreest voor aanvallen door Fulani herders. De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag op 19 september 2024 af wegens gebrek aan geloofwaardigheid van deze motieven.
De rechtbank behandelde het beroep op 16 januari 2025 en oordeelde dat de minister terecht de identiteit en nationaliteit van eiser geloofwaardig achtte, maar zijn beweringen over discriminatie en bedreiging niet. De rechtbank benadrukte dat eiser onvoldoende objectief bewijs overlegde en dat zijn verklaringen niet samenhangend en aannemelijk waren, mede door inconsistenties over het aantal achtervolgers en het ontbreken van concrete toelichting op zijn ontsnapping.
Verder concludeerde de rechtbank dat discriminatie op grond van religie in Nigeria niet zodanig ernstig was dat het functioneren van eiser onmogelijk werd gemaakt, gelet op zijn studie en werk. Ook de overgelegde politie- en medische verklaringen boden onvoldoende steun. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de Nigeriaanse asielzoeker wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid van zijn asielmotieven.