ECLI:NL:RBDHA:2025:22035
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet wegens voldoende medische zorg in Nigeria
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om geen uitstel van vertrek te verlenen op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet. De minister baseerde dit besluit op medische adviezen van het Bureau Medische Advisering (BMA) waarin werd geconcludeerd dat medische behandeling in Nigeria beschikbaar is en dat eiser kan reizen onder begeleiding.
Eiser voerde onder meer aan dat mantelzorg essentieel is voor zijn medische behandeling, dat hij geen toegang heeft tot medische zorg in Nigeria vanwege financiële en praktische belemmeringen, en dat hij risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro vanwege zijn geloof en kwetsbare positie. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende onderbouwing leverde voor deze stellingen en dat het medisch advies en het besluit van de minister deugdelijk zijn gemotiveerd.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat het bestreden besluit in stand kan blijven. Eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter N.M. van Waterschoot en bekendgemaakt op 21 november 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van uitstel van vertrek blijft in stand.