ECLI:NL:RBDHA:2025:22065
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na meerderjarigheid dochter
Eiseres, met de Iraanse nationaliteit, diende op 16 augustus 2023 een aanvraag in voor een verblijfsdocument EU/EER om bij haar minderjarige Nederlandse dochter te verblijven. Verweerder wees deze aanvraag op 24 mei 2024 af, waarna ook het bezwaar op 13 februari 2025 werd afgewezen. Eiseres stelde daarop beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank beoordeelde het beroep op 23 oktober 2025 en stelde vast dat de dochter van eiseres inmiddels meerderjarig is geworden. Volgens het arrest Chavez-Vilchez kan een derdelander een afgeleid verblijfsrecht ontlenen aan het verblijfsrecht van een Unieburger-kind indien er een daadwerkelijke zorg- en afhankelijkheidsrelatie bestaat en het weigeren van verblijf zou leiden tot het feitelijk moeten verlaten van de EU door het kind.
Aangezien de dochter nu meerderjarig is, voldoet eiseres niet langer aan de voorwaarde van daadwerkelijke zorg voor een minderjarig kind, waardoor zij geen procesbelang meer heeft bij de beoordeling van haar beroep. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk en wees een proceskostenvergoeding af. Het beleid van verweerder, zoals neergelegd in de Vreemdelingencirculaire, werd door de rechtbank als een juiste invulling van het arrest Chavez-Vilchez beschouwd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na meerderjarigheid van de dochter.