Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Pakistaanse asielzoeker, diende in januari 2022 een asielaanvraag in. Zijn aanvraag werd aanvankelijk niet in behandeling genomen vanwege de Dublin-verordening, maar later alsnog behandeld. Verweerder wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de mishandelingsclaims.
Eiser overlegde een psychologisch rapport waaruit bleek dat hij functioneert op het niveau van een gemiddeld 11-jarig kind, wat duidt op een verstandelijke beperking. Verweerder baseerde zich echter op een MediFirst-advies waarin geen beperkingen werden vastgesteld en concludeerde dat eiser zwakbegaafd was maar geen verstandelijke beperking had. De rechtbank oordeelde dat dit advies onvoldoende inzichtelijk en concludent was en dat verweerder onzorgvuldig had gehandeld door geen nader onderzoek te verrichten.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 3:2 van Pro de Awb en beval een nieuwe medische beoordeling, waarbij rekening moet worden gehouden met de intellectuele beperkingen van eiser. Verweerder moet binnen twaalf weken een nieuw besluit nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onzorgvuldig medisch onderzoek en verweerder moet binnen twaalf weken een nieuw besluit nemen.