ECLI:NL:RBDHA:2025:22171
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming behandeling minderjarige wegens zorgwekkende situatie
De moeder verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor de behandeling van hun minderjarige kind bij een psycholoog, psychiater of andere hulpverlener, omdat het al langere tijd niet goed gaat met het kind. De vader, die gezamenlijk gezag uitoefent, gaf geen ondubbelzinnige toestemming en is niet verschenen tijdens de zitting. De rechtbank nam kennis van de situatie, waaronder de zorgen van de zorgcoördinator van de school en het aangepaste rooster van het kind.
De rechtbank oordeelde dat het belang van het kind voorop staat en dat het belangrijk is dat de behandeling zo spoedig mogelijk kan starten, inclusief eventuele medicamenteuze behandeling indien nodig. Omdat de vader geen verweer voerde en niet is verschenen, werd het verzoek van de moeder als niet weersproken en op de wet gegrond toegewezen.
De rechtbank verleende daarom aan de moeder de vervangende toestemming voor de behandeling van de minderjarige en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Hiermee wordt het belang van het kind gewaarborgd ondanks het ontbreken van toestemming van de vader.
Uitkomst: De rechtbank verleent vervangende toestemming aan de moeder voor behandeling van de minderjarige, inclusief medicamenteuze behandeling indien nodig.