ECLI:NL:RBDHA:2025:22252

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
4 november 2025
Publicatiedatum
25 november 2025
Zaaknummer
NL24.34607
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Asielaanvraag van Nigeriaanse eiser met vrees voor Black Axe Cult en biseksualiteit

In deze zaak heeft een Nigeriaanse eiser asiel aangevraagd in Nederland, waarbij hij stelt dat hij gedwongen is om deel te nemen aan de Black Axe Cult en dat hij vreest voor zijn leven bij terugkeer naar Nigeria. De eiser heeft ook verklaard biseksueel te zijn, wat hem in Nigeria in gevaar zou brengen. De aanvraag is door de minister van Asiel en Migratie afgewezen, omdat de verweerder niet gelooft dat de eiser nog te vrezen heeft voor de cult en de gestelde biseksualiteit niet geloofwaardig acht. De rechtbank heeft de zaak beoordeeld en geconcludeerd dat de verweerder zijn conclusie over de vrees voor de Black Axe Cult onzorgvuldig heeft voorbereid en onvoldoende heeft gemotiveerd. De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is, omdat het bestreden besluit in strijd is met de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank vernietigt het besluit van de verweerder en draagt deze op om binnen acht weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met de uitspraak. Tevens wordt de verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan de eiser.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.34607

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

V-nummer: [#]
(gemachtigde: mr. F.W. Verbaas)
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. M. van Boheemen).

Samenvatting

1. Eiser is afkomstig uit Nigeria. Hij heeft om asiel gevraagd. Hij stelt dat hij is gedwongen om deel te nemen aan de Black Axe Cult. Hij vreest dat deze cult hem zal vermoorden als hij terugkeert naar Nigeria. Ook stelt eiser dat hij biseksueel is. Om deze redenen vindt eiser dat hij aangemerkt moet worden als vluchteling, dan wel als persoon die bij terugkeer naar zijn land van herkomst een reëel risico loopt op ernstige schade.
1.1.
Verweerder heeft de aanvraag afgewezen. Verweerder gelooft dat eiser problemen heeft gehad met de Black Axe Cult, maar verweerder gelooft niet dat eiser nu nog te vrezen heeft voor de cult. Daarnaast gelooft verweerder eisers gestelde biseksualiteit niet.
1.2.
De rechtbank komt tot het oordeel dat verweerder zijn conclusie over eisers vrees voor de Black Axe Cult onzorgvuldig heeft voorbereid en onvoldoende heeft gemotiveerd. Daarom is het beroep gegrond. De rechtbank laat eisers gestelde biseksualiteit onbesproken omdat daarover geen beroepsgronden zijn ingediend.
1.3.
Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft op 25 maart 2022 een asielaanvraag ingediend. Verweerder heeft deze aanvraag met het bestreden besluit van 14 augustus 2024 afgewezen als ongegrond.
2.1.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
2.2.
De rechtbank heeft het beroep op 3 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, [naam 1] als tolk en de gemachtigde van verweerder.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas
3. Eiser legt aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag. Hij is meermaals benaderd door een lid van de Black Axe Cult, genaamd [naam 2] , die hem dwong om deel te nemen aan de cult. Eiser heeft dit geweigerd. Op 26 december 2018 is eiser mishandeld en wederom gedwongen om deel te nemen aan de cult. Op 2 januari 2019 heeft eiser aangifte gedaan tegen [naam 2] bij de Nigeriaanse politie. [naam 2] is toen gearresteerd, maar drie dagen later kwam hij vrij. De Black Axe Cult heeft gedreigd dat zij eiser zouden vermoorden als eiser zich tegen hen zou keren. Daarom vreesde eiser voor zijn leven en heeft hij Nigeria verlaten. Hij is eerst gevlucht naar Oekraïne en op 5 maart 2022 is hij in Nederland aangekomen. Daarnaast stelt eiser dat hij biseksueel is en dat hij daar niet openlijk voor kan uitkomen in Nigeria.
Het bestreden besluit
4. Volgens verweerder bestaat het relaas van eiser uit drie asielmotieven:
Eisers identiteit, nationaliteit en herkomst
Eisers problemen met de Black Axe Cult door gedwongen inlijving
Eisers biseksualiteit
4.1.
Verweerder gelooft eisers identiteit, nationaliteit en herkomst. Ook gelooft verweerder dat eiser vroeger problemen heeft gehad met de Black Axe Cult. Verweerder vindt echter niet dat eiser aannemelijk heeft gemaakt dat hij een reëel risico loopt op ernstige schade in de zin van artikel 3 van het Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM). Verweerder gelooft namelijk niet dat eiser nu nog heeft te vrezen voor de cult. Hoewel uit het Algemeen Ambtsbericht van 31 januari 2023 over Nigeria (het ambtsbericht) blijkt dat het extreem lastig is om de cult te verlaten en dat dit kan leiden tot het bedreigen, aanvallen of het doden van personen, blijkt uit eisers verklaringen niet dat hij de afgelopen vijf en een half jaar daadwerkelijk is bedreigd. Dit terwijl de cult wel eisers telefoonnummer heeft en hem meermaals heeft benaderd toen hij nog in Nigeria verbleef. Ook eisers familieleden die nog in Nigeria verblijven hebben geen problemen ondervonden met de cult. Bovendien heeft eiser nog een maand zonder problemen in Nigeria gewoond nadat hij aangifte had gedaan. Met zijn verklaring dat de Black Axe Cult de ideologie aanhoudt van nooit vergeven, heeft eiser volgens verweerder niet inzichtelijk noch persoonlijk gemaakt waarom hij na vijf en een half jaar nog in de negatieve aandacht zou staan van de Black Axe Cult.
4.2.
Eisers biseksualiteit vindt verweerder ongeloofwaardig. Daarom heeft eiser volgens verweerder geen gegronde vrees voor vervolging. Volgens verweerder heeft eiser namelijk niet samenhangend en aannemelijk over zijn biseksualiteit verklaard. Hiermee voldoet eiser niet aan artikel 31, zesde lid, onder c van de Vreemdelingenwet 2000.
4.3.
Verweerder heeft de asielaanvraag afgewezen als ongegrond. Daarbij heeft verweerder aan eiser een terugkeerbesluit uitgevaardigd. Eiser moet Nederland binnen vier weken verlaten.
Mocht verweerder het ongeloofwaardig vinden dat eiser bij terugkeer naar Nigeria te vrezen heeft voor de Black Axe Cult?
5. Eiser heeft verweerders conclusie dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij nu nog te vrezen heeft voor de Black Axe Cult, gemotiveerd betwist.
5.1.
De rechtbank volgt eiser. De rechtbank overweegt hiertoe als volgt.
5.1.1.
In het voornemen heeft verweerder het toetsingskader, zoals neergelegd in IB 2020/62 [1] , als volgt uiteengezet: “Het feit dat de verzoeker in het verleden reeds is blootgesteld aan vervolging of aan ernstige schade, of dat hij rechtstreeks is bedreigd met dergelijke vervolging of dergelijke schade, is een duidelijke aanwijzing dat de vrees van betrokkene voor vervolging gegrond is en het risico op het lijden van ernstige schade reëel is, tenzij er goede redenen zijn om aan te nemen dat het niet opnieuw zal voordoen”. Volgens verweerder zal eiser bij terugkeer naar Nigeria niet opnieuw in de negatieve aandacht van de Black Axe Cult staan, omdat eiser en ook eisers familie sinds eisers vertrek uit Nigeria niets meer hebben gehoord van de Black Axe Cult. Bovendien heeft eiser volgens verweerder in de maand nadat hij aangifte heeft gedaan bij de Nigeriaanse politie, niets meer vernomen van de Black Axe Cult. Ter zitting heeft verweerder dit standpunt genuanceerd en gesteld dat het klopt dat eiser in de maand na de aangifte wel telefonisch is bedreigd, maar dat voor verweerder het zwaartepunt ligt bij het feit dat eiser vanaf het moment dat hij Nigeria heeft verlaten niets meer van de cult heeft vernomen.
5.1.2.
Naar het oordeel van de rechtbank miskent verweerder met zijn standpunt ter zitting dat eiser in de maand nadat hij aangifte had gedaan eerst bij een vriend en toen bij een familielid was ondergedoken. Ook heeft verweerder bij zijn beoordeling niet betrokken dat eiser een maand na de aangifte Nigeria heeft verlaten, naar Oekraïne is gereisd en na verloop van tijd naar Nederland is gekomen, waardoor het voor de cult moeilijker kon zijn om eiser te vinden. Tevens is niet in geschil dat eiser al snel na zijn vertrek uit Nigeria zijn mobiele telefoon is kwijtgeraakt en sindsdien vaak van telefoonnummer is veranderd. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder ook dit gegeven niet betrokken bij zijn beoordeling. Verweerders enkele stelling ter zitting dat de tentakels van de Black Axe Cult lang zijn en dat de cult eiser daarom wel moet kunnen vinden, is onvoldoende gemotiveerd. Naar het oordeel van de rechtbank is het immers te voorbarig om te oordelen dat daaruit blijkt dat eiser bij de cult niet meer in de negatieve belangstelling staat. Voor zover verweerder zich op het standpunt stelt dat ook eisers familie niets meer heeft gehoord van de Black Axe Cult, staat vast dat eisers moeder en broer volgens eiser zijn verhuisd naar een andere plaats in Nigeria. Ter zitting heeft verweerder niet kunnen motiveren dat uit algemene landeninformatie blijkt dat de Black Axe Cult familieleden lastigvalt.
5.1.3.
Daar komt bij dat verweerder niet bij zijn beoordeling heeft betrokken dat eiser aangifte heeft gedaan tegen [naam 2] , een lid van de Black Axe Cult. Verweerder heeft ook niet bij zijn beoordeling betrokken dat eiser mee is gegaan met de Nigeriaanse politie om [naam 2] te arresteren en dat eiser vervolgens mee is gegaan naar het politiebureau, waardoor bij de cult bekend is dat eiser aangifte heeft gedaan. Juist gelet op het feit dat de Black Axe Cult overal aanwezig is en een ideologie aanhoudt van nooit vergeven
-hetgeen verweerder zelf ook benoemt in het voornemen- is de rechtbank van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat eiser bij terugkomst in Nigeria niet opnieuw in de negatieve belangstelling van de cult komt te staan. Verder merkt de rechtbank op dat verweerder eiser heeft tegengeworpen dat laaggeplaatsten binnen de cult blijkens het ambtsbericht onder de radar kunnen blijven. Naar het oordeel van de rechtbank had verweerder daarbij ook moeten betrekken dat eiser aangifte heeft gedaan bij de Nigeriaanse politie.
5.1.4.
De beroepsgrond slaagt.
6. Over eisers gestelde biseksualiteit zijn geen beroepsgronden ingediend. Daarom laat de rechtbank dit asielmotief onbesproken.
Conclusie en gevolgen
7. Het beroep is gegrond, omdat het bestreden besluit in strijd is met artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit.
7.1.
De rechtbank bepaalt met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb dat verweerder een nieuw besluit moet nemen en daarbij rekening houdt met deze uitspraak. De rechtbank geeft verweerder hiervoor acht weken.
7.2.
Eiser krijgt een vergoeding van zijn proceskosten. Verweerder moet deze vergoeding betalen. Deze vergoeding bedraagt € 1.814,- omdat de gemachtigde van eiser een beroepschrift heeft ingediend en aan de zitting heeft deelgenomen.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 14 augustus 2024;
- draagt verweerder op binnen acht weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan eiser.
Deze uitspraak is gedaan door mr. W.B. Klaus, rechter, in aanwezigheid van mr. S.L. Clemens, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.IB 2020/62 Vrees voor vervolging op grond van het Vluchtelingenverdrag.